Amos 9:11

11 Te dien dage zal Ik de vervallen hut van David weder oprichten, Ik zal haar scheuren dichten en wat daarvan is ingestort, overeind zetten; Ik zal haar herbouwen als in de dagen van ouds,

de vervallen hut van David = sukkah: Booth, Tabernacle, Hut, Shelter

2samuel 7:1 Toen de koning in zijn paleis was gaan wonen en de Here hem aan alle zijden van al zijn vijanden rust gegeven had, 2 Zeide de koning tot de profeet Natan: Zie toch, ik woon in een cederen paleis, terwijl de ark Gods verblijft onder een tentkleed.

tentkleed = yeriah: Curtain, Covering

Handelingen 15:16 Daarna zal Ik wederkeren en de vervallen hut van David weder opbouwen, en wat daarvan is ingestort, zal Ik weder opbouwen, en Ik zal haar weder oprichten,

hut = skéné: Tent, Tabernacle, Dwelling

De hut van David maakte de toegang tot aanbidding makkelijker, dichter bij dan in de tempel. Zie ook Mozes en de tent van samenkomst.