Gebruikershulpmiddelen

Site-hulpmiddelen


bijbels:nbg:tekst:henoch32

Henoch 32


1 Na deze geuren in mij opgenomen te hebben keek ik over de bergen heen naar het noorden. Daar zag ik zeven bergen die gevuld waren met Nardus en geurende bomen van kaneel en peper.
2 Vanaf daar ging ik door over de bergtoppen naar het verre oosten van de aarde. Ik vloog over de zee van Eritrea en toen ik al ver daar vandaan was kwam ik de engel Zotiël tegen in de rechtvaardige tuin.
3 Ik zag daar vele bomen, sommige waren erg groot en in overvloed aanwezig, zij gedijden zeer goed. Hun geur was prettig en zeer sterk, zij hadden een gevarieerde en elegante uitstraling. Daar stond ook de boom van kennis, als iemand daarvan eet wordt hij vervuld van grote wijsheid.
4 De boom was zo hoog als een Tamarinde en heeft bladeren die lijken op die van de Johannesbroodboom.
5 Haar vruchten lijken op druiventrossen, erg mooi. Van veraf kan je de geur ervan al ruiken.

bijbels/nbg/tekst/henoch32.txt · Laatst gewijzigd: door 127.0.0.1