Henoch 95
1 ‘Waren mijn ogen maar als een wolk vol water, dan kon ik over u huilen en mijn tranen als een stortbui laten stormen. Dan zou mijn bezwaarde hart verlicht worden!
2 Wie heeft u toestemming gegeven om elkaar te haten en over de scheef te gaan, het oordeel zal u overvallen zondaars.
3 Wees niet bang voor de zondaars, rechtvaardigen. Want de Heer zal u hen opnieuw in handen geven. Dan kunt u het oordeel over hen vellen zoals u dat goed acht.
4 Wee u die elkaar uitscheldt zonder dat het kan worden teruggedraaid. Genezing zal ver voor u te zoeken zijn vanwege deze zonden.
5 Wee u die uw naaste vergeldt met kwaad, want u zult ook op basis van uw werk vergolden worden.
6 Wee u die vals getuigen en die het onrecht handhaven, plotseling zult u vergaan.
7 Wee u zondaars, want u vervolgt de rechtvaardigen. Voor dit onrecht zult u overgeleverd en vervolgd worden, zwaar zal het juk op u rusten.’
