Mattheus 7:15
15 Wacht u voor de valse profeten, die in schapevacht tot u komen, maar van binnen zijn zij roofgierige wolven.
1. Deuteronomium 13:1–5
Dit is een belangrijke toets. Zelfs als een profeet een teken of wonder doet dat uitkomt, moet je kijken waar hij mensen naartoe leidt.
Een profeet is vals wanneer hij mensen ertoe brengt andere goden te volgen en van de HEERE af te wijken.
Kernpunt: wonderen alleen bewijzen niet dat iemand een ware profeet is. De trouw aan God en Zijn geboden staat centraal.
Deuteronomium 13:1 Wanneer onder u een profeet optreedt of iemand, die dromen heeft, en hij u een teken of een wonder aankondigt, 2 En het teken of het wonder komt, waarover hij u gesproken heeft met de woorden: laten wij andere goden achterna lopen, die gij niet gekend hebt, en laten wij hen dienen; 3 Dan zult gij naar de woorden van die profeet of van die dromer niet luisteren; want de Here, uw God, stelt u op de proef om te weten, of gij de Here, uw God, liefhebt met uw ganse hart en met uw ganse ziel. 4 De Here, uw God, zult gij volgen, Hem vrezen, zijn geboden houden en naar zijn stem luisteren: Hem zult gij dienen en aanhangen. 5 Die profeet of dromer zal ter dood gebracht worden, omdat hij afval gepredikt heeft van de Here, uw God, die u uit het land Egypte geleid en uit het diensthuis verlost heeft; om u af te trekken van de weg, die de Here, uw God, u geboden heeft te gaan. Zo zult gij het kwaad uit uw midden wegdoen.
2. Deuteronomium 18:20–22
Hier wordt een tweede toets gegeven:
Als iemand spreekt in de naam van de HEERE en het woord komt niet uit, dan heeft de HEERE dat woord niet gesproken.
Kernpunt: een ware profeet spreekt werkelijk namens God; een voorspelling die God als Zijn woord geeft, mag niet vals blijken.
Deuteronomium 18:18 Een profeet zal Ik hun verwekken uit het midden van hun broederen, zoals gij zijt; Ik zal mijn woorden in zijn mond leggen, en hij zal alles tot hen zeggen, wat Ik hem gebied. 19 De man, die niet luistert naar de woorden welke hij in mijn naam spreken zal, van die zal Ik rekenschap vragen. 20 Maar een profeet, die overmoedig genoeg is om in mijn naam een woord te spreken, dat Ik hem niet gebood te spreken, of die in de naam van andere goden spreekt, die profeet zal sterven. 21 Wanneer gij nu bij uzelf mocht zeggen: Hoe onderkennen wij het woord dat de Here niet gesproken heeft? - 22 Als een profeet spreekt in de naam des Heren en zijn woord wordt niet vervuld en komt niet uit, dan is dit een woord, dat de Here niet gesproken heeft; in overmoed heeft de profeet het gesproken, gij zult voor hem niet vrezen.
3. Jeremia 23:9–40
Dit hoofdstuk gaat uitgebreid over valse profeten.
Jeremia beschrijft onder andere dat zij:
namens God spreken terwijl God hen niet gezonden heeft; hun eigen dromen en gedachten als Gods woord presenteren; mensen een vals gevoel van vrede geven; niet oproepen tot bekering.
Een bijzonder duidelijke tekst is Jeremia 23:22: als profeten werkelijk in Gods raad hadden gestaan, zouden ze het volk van hun verkeerde weg hebben doen terugkeren.
Jeremia 23:9–40
4. Ezechiël 13:1–16
Hier spreekt Ezechiël tegen profeten die uit hun eigen hart profeteren in plaats van een woord van God te spreken.
Het beeld is dat zij een muur bouwen en die vervolgens met “kalk” bedekken: ze geven mensen een geruststellend verhaal, maar er is geen werkelijk fundament.
Ezechiël 13:1–16
5. Micha 3:5–11
Micha beschrijft profeten die hun boodschap laten afhangen van wat ze ervoor krijgen.
Kernpunt: een valse profeet kan spreken vanuit eigenbelang, in plaats van trouw aan Gods opdracht.
Micha 3:5–11
Een eenvoudige Bijbelse toets
Je zou de verschillende teksten kunnen samenvatten in deze vragen:
- Leidt deze profeet mensen naar de HEERE of van Hem af? Deut. 13:1–5
- Komt een woord dat hij namens God spreekt daadwerkelijk uit? Deut. 18:20–22
- Is zijn boodschap werkelijk van God of spreekt hij uit zichzelf? Jer. 23; Ezech. 13
- Brengt hij mensen tot bekering en gehoorzaamheid? Jer. 23:22
- Is hij gericht op Gods eer of op geld/eigenbelang? Micha 3:5–11
